Maart

Tijdens de tweede helft van maart is het me gelukt om op de rem te gaan staan. Mijn lichaam gaf langs alle kanten aan dat het zo niet verder kon en dringend meer rust en regelmaat nodig had.

Ik weet niet wat het was de laatste tijd, maar ik liep alleszins heel krikkel rond en had constant het gevoel over mijn grenzen te gaan. Eens werken op een zaterdag werd er al gauw teveel aan, omdat ik op zondag dan de hele dag ‘out’ lag in bed. Recuperen tijdens de week leek moeilijker te gaan en mijn huishouden en werk raakten achterop, waardoor ik nog meer stress kreeg. Lees verder

Opstaan

Ik beschouw mezelf niet echt als een super-positief mens. Ik probeer er wel zoveel mogelijk het beste van te maken, dat wel. Ondanks het feit dat ik een grondige hekel heb aan de ochtenden (ochtendstijfheid weet je wel), probeer ik verder te kijken en me elke ochtend opnieuw in te prenten dat het wèl de moeite waard is om op te staan. Niet altijd even gemakkelijk, maar het moet.

Lees verder

Osteoporose

Maandag stond de wereld voor mij weer even stil. Na het afnemen van een botdensitometrie – dit is een test om de dichtheid van je botten te meten – vertelde de verpleegkundige me dat ik osteoporose had in mijn heupen. En ook in mijn rug was het kantje boordje.

Begin januari ging ik naar het ziekenhuis voor mijn driemaandelijkse controle op afdeling reumatologie. Daar werd beslist om radiografieën te nemen van handen en voeten, maar ook van de heup omdat die heup echt wel blijft opspelen. En omdat ik het beu ben dat de reumatoloog me steeds doorverwijst naar de kinesitherapeut en de kiné op zijn beurt weer naar de reumatoloog. Van het kastje naar de muur en terug. Lees verder

Januari

De hele maand heb ik rondgelopen met koortsblaasjes. Pijn en vermoeidheid blijven opspelen en ik krijg er geen grip op. Ik probeer rust af te wisselen met beweging. Niet te veel, niet te weinig; om overbelasting tegen te gaan. En toch… Het is frustrerend.  Lees verder

Where is my energy?

Gecrasht ben ik. Opnieuw. Ik slaap nu gemiddeld 12u per dag. Halftijds dus. En die andere halftijdse probeer ik me vooruit te sleuren. Van mijn bed naar de zetel en terug. De namiddag die er me rest, probeer ik energie op te doen voor de avond. Tegen dat de kinderen thuis zijn. Lees verder